In de winter van 2003 ontmoet Frans Mouws in Den Haag de nu al legendarische reisschrijver Redmond O’Hanlon. De ontmoeting duurt slechts 5 minuten, maar de gevolgen zijn nauwelijks te overzien.
In het kader van het verschijnen van het boek van Mouws "Weg uit Wassenaar" over Boudewijn Büch wordt er een afspraak gemaakt met de oude vriend van Büch. Daags voor kerst ontmoeten ze elkaar om twaalf uur lang te eten en drinken. Tijdens dit bacchanaal wordt er veel gesproken over de reizen, avonturen en levensfilosofieën van O’Hanlon, maar niet in de laatste plaats gaan de gesprekken over de vriendschap tussen Büch en O’Hanlon. De twee hebben nachtenlange gesprekken gevoerd over hun passie voor reizen, de verschillende wijzen waarop zij de wereld bewandelen, bevaren en berijden (Büch van museum naar bibliotheek en O’Hanlon van oerwoud naar stormachtige zee) en de levendige fantasie van beide heren.
"Tussen Büch en O’Hanlon" is een beschouwend boekje dat het buitengewone leven van twee reizigers laat zien, die elkaar vonden in hun behoefte alle hoeken van de wereld te bereizen en beschrijven. Het verhaal van twee avonturiers met een aanstekelijke fantasie, die het leven zagen als één grote ontdekkingstocht.
Frans Mouws (1969) - dyslectisch en daarom maar de techniek in
gedoken - was ooit machinist, vrachtwagenchauffeur,
stuurman, haven- en transporttechnoloog en
bedrijfskundige, tegenwoordig is hij ICT'er maar meer nog publicist.
Hij schreef op verzoek van Martin Ros na het overlijden van Büch een
overzicht van diens werk. Het werd een lijvig boek, getiteld "Boudewijn Büch, een overzicht
van zijn werk".
Vanaf dat moment ging het hard. Mouws kreeg
bekendheid in literaire kringen en redacties van tijdschriften benaderden
hem om artikelen te schrijven, vooral over Büch natuurlijk.